De Amerikaanse schrijver John Steinbeck staat bekend om zijn goede stijl. Het was ook een van de redenen om hem de Nobelprijs voor de literatuur toe te kennen. Wat we van hem kunnen leren, door hoofdstuk 1 van The Log from the Sea of Cortez te lezen?
Achtergrond
The Log from the Sea of Cortez is zoals de titel aangeeft een soort logboek. In 1940 ging John Steinbeck samen met bioloog Ed Ricketts op expeditie om zeedieren te verzamelen en waar te nemen in de Golf van Californië, oftewel de Zee van Cortéz. Het boek is het verslag van de tocht van zo’n anderhalve maand met sardineschip The Western Flyer. Steinbeck en Ricketts waren vrienden. De bioloog stond ook model voor het personage Doc in Steinbecks roman Cannery Row.
Humor met tegenvallers
Hoofdstuk 1 beschrijft de voorbereidingen van de expeditie en met name het vinden van een geschikte boot en bemanning, en het aan boord brengen van de benodigde voorraad. Dit zijn normaal gesproken niet de meest opwindende gebeurtenissen, maar het is een soort logboek en Steinbeck moet dus wel bij dit begin beginnen. De gereedschapskist van de schrijver helpt hem om van het droge materiaal een sappige tekst te maken. Hij maakt daarvoor vooral gebruik van de tegenvallers, die hij verwerkt tot grappige alinea’s. Een eerste voorbeeld is het citaat boven dit stuk. Een minimaal resultaat kun je grappig maken door eerst het beeld van succes te scheppen.
Een tweede tegenvaller was dat de te rekruteren sardinevissers volkomen in hun eigen wereld leefden. Om dit mooi op een indirecte manier te illustreren, gebruikt Steinbeck dialoog:
Een voorbeeld hiervan vond later op zee plaats. Hitler was Denemarken binnengevallen en aan het oprukken richting Noorwegen; niemand wist wanneer de invasie van Engeland zou gaan beginnen. De wereld ging naar de verdoemenis en onze radio was vol met ruis. Tussen het gekraak en geblaas kreeg een van onze mannen eindelijk contact met een andere boot. Het gesprek verliep als volgt:
– Hier is de Western Flyer. Ben jij dat Johnny?
– Ja, en jij dat Sparky?
– Ja, hier Sparky. Hoeveel vis heb je?
– Maar vijftien ton; we raakten vandaag een school kwijt. Hoeveel vis heb jij?
– We vissen niet.
– Hoezo niet?
– Oh, we trekken de Golf in om zeesterren en beestjes en dat soort spul te verzamelen.
– Meen je dat nou? OK, Sparky, ik maak de golflengte vrij.
– Wacht, Johnny. Zei je dat je maar vijftien ton hebt?
– Ja, klopt. Zeg het tegen mijn neef als je hem spreekt, goed?
– Ja, doe ik, Johnny. Western Flyer is nu all clear.
Hitler marcheerde Denemarken en Noorwegen binnen, Frankrijk was verslagen, de Maginotlinie was verloren – we wisten het niet, maar we wisten wel wat de dagvangst was van elke boot binnen vierhonderd mijl.
Ekfrasis
Bij een degelijk verslag van voorbereidingen zijn opsommingen een bijna noodzakelijk onderdeel. Je moet vertellen wat je allemaal gaat gebruiken en meenemen. Opsommingen hoeven geen storende elelementen te zijn, maar als je veel te beschrijven hebt, is er vakmanschap vereist om de lezer vast te houden. Een klassieke naam daarvoor is ekfrasis (ἔκφρασις, zie Wikipedia), een term die staat voor het zo kunstig beschrijven van een kunstwerk dat de toehoorder of lezer het precies voor zich ziet. Steinbeck beschrijft in de volgende passage geen kunstwerk, maar een scheepskist waarin onder andere boeken en schrijfwaren meegenomen zullen worden. Hij slaagt erin om er een vlotte alinea van te maken, waarbij hij opnieuw teleurstelling gebruikt voor humor.
Op een klein schip moet de bibliotheek compact en binen bereik zijn. We hadden een met staal verstevigde houten kist vervaardigd. De voorkant scharnierde naar beneden om een bureau te vormen. De kist bevat ongeveer twintig grote boekdelen en twee archiefkisten, een voor drukwerk (wetenschappelijke overdrukken) en een voor brieven; een klein blik bevat pennen, potloden, gummen, klemmen, een rolmaat, een schaar, etiketten, spelden, elastiekjes, enzovoort. In een ander gedeelte bevindt zich een kaartenbak van drie bij vijf inch. Er zijn vakjes voor enveloppen, grote overdrukken, kleine overdrukken, schrijfmachinepapier, carbonpapier, een doos voor Oost-Indische inkt en lijm. De constructie van de voorzijde biedt ruimte voor een draagbare typemachine, tekenplank en tekenhaak. Er is een lange, smalle ruimte voor opgerolde zeekaarten en gewone kaarten. Afgesloten meet deze compacte en complete kist vierenveertig inches bij achtien bij achttien; gevuld weegt hij tussen de driehonderd en vierhonderd pond. Hij was ontworpen voor gebruik op een lage tafel of in een ongebruikte kooi. De belangrijkste voordelen ervan zijn compactheid, compleetheid en toegankelijkheid. We brachten hem aan boord van de Western Flyer. Een tafel om hem op te neer te zetten was daar niet. Hij paste niet in een kooi. Vanwege het vocht kon hij ook niet op het dek worden neergezet. Uiteindelijk belandde hij bovenop de roef, vastgehecht aan de reling, omhuld door verschillende lagen zeildoek en dichtgebonden. Vanwege het rollen van de boot moest hij de hele tijd vastgesnoerd blijven. Het duurde ongeveer tien minuten om het zeildoek te verwijderen, het bindtouw los te maken, het deksel te openen, je tussen twee kratten sinaasappels te persen, de titel van het gewenste book ondersteboven te lezen, het eruit te pakken en de kist weer te sluiten, vast te binden en te bedekken. Maar als er een lage tafel of grote kooi aanwezig zou zijn geweest, dan zou hij volmaakt zijn geweest.
Humor met teeurstelling is denk ik voor iedere schrijver bruikbaar en daar zijn deze fragmenten een goede demonstratie van. De ›realistische‹ dialoog van Steinbeck is ook iets om in je stijlrepertoire te verankeren.
——————
Verantwoording
John Steinbeck, The Log from the Sea of Cortez, 1951 (eigen vertalingen ZHMT)